De minimale dakisolatienorm - wat wijzigt er op 1 januari 2020? naar nieuws overzicht

30 Augustus 2019

De minimale dakisolatienorm - wat wijzigt er op 1 januari 2020?

Op 20 maart 2019 keurde het Vlaams Parlement het zogenaamde ‘Optimalisatiedecreet Woningkwaliteit’ goed. Dat decreet voert een aantal optimalisaties door in de woningkwaliteitsbewaking. De Vlaamse regering keurde vervolgens op 24 mei 2019 ook het ‘Optimalisatiebesluit Woningkwaliteit’ definitief goed. Dit uitvoeringsbesluit bevat een aantal wijzigingen en nieuwigheden. Een van deze wijzigingen heeft betrekking op de dakisolatienorm en op de dubbelglasnorm. Aan deze energieprestatievereisten zal men in de toekomst ook kunnen voldoen als de energiescore van de woning, die is vermeld op het EPC, beantwoordt aan een door de Vlaamse regering vastgelegde maximale energiescore. Het optimalisatiedecreet en -besluit treden in werking op 1 januari 2021, maar voor dakisolatie zal het bewijs van voldoende energiezuinigheid al in aanmerking worden genomen vanaf 1 januari 2020.

 

De dakisolatienorm nu

Op 1 januari 2015 is de dakisolatienorm in werking getreden. De norm bepaalt dat alle zelfstandige woningen in Vlaanderen over de nodige dakisolatie moeten beschikken, of het nu gaat om een eengezinswoning, een appartement of een studio. Voor kamers en daken kleiner dan 2m² geldt deze verplichting niet.

Welke minimumnorm geldt voor dakisolatie?

Als minimumnorm geldt een R-waarde dakisolatie van 0,75m² K/W. Dit stemt overeen met een laag specifiek isolerend materiaal van 3 à 4cm (maar dit verschilt naargelang het materiaal dat wordt gebruikt). Als isolatiemateriaal beschouwt men materialen met een lambdawaarde van hoogstens 0,10 W/mK. Een geïsoleerde zoldervloer bij onverwarmde en onbewoonde zolder, geldt als een geïsoleerd dak.

Plafondisolatie komt enkel in aanmerking op voorwaarde dat de isolatie doorloopt over het volledige plafond en een R-waarde van minimum 0,75 m²K/W heeft. Plafondisolatie (het zogenaamde ‘koude dak’) houdt mogelijk wel een risico in voor condensatieproblemen.

Wat als de dakisolatie niet voldoet?

Sinds 1 januari 2015 leidt het ontbreken van dakisolatie tot het toekennen van strafpunten op het technisch verslag bij een conformiteitsonderzoek. De dakisolatieverplichting werd gefaseerd ingevoerd. Een woning met niet-geïsoleerd dak krijgt vanaf 1 januari 2020 15 strafpunten en komt daardoor in aanmerking voor een ongeschiktverklaring. Voor het toekennen van de strafpunten maakt men wel een onderscheid tussen daken kleiner en daken groter dan 16m².

Hoe gebeurt de controle?

Er wordt enkel rekening gehouden met feitelijke vaststellingen. Het toekennen van strafpunten gebeurt enkel als:

  • het Energieprestatiecertificaat (EPC) een feitelijk vastgestelde R-waarde vermeldt lager dan 0,75 m² K/W. De woningcontroleur houdt geen rekening met default-waarden.
  • uit feitelijke (visuele) vaststellingen van de woningcontroleur blijkt dat er geen dakisolatie aanwezig is. De woningcontroleur zal dit alleen zelf beoordelen als het EPC niet beschikbaar is of als het EPC enkel een default-waarde vermeldt. De woningcontroleur doet geen destructief onderzoek. In geval van een afgewerkt dak zal hij bijvoorbeeld nooit een gat boren om de isolatie te checken. Als de woningcontroleur het gebrek aan dakisolatie niet met het blote oog kan waarnemen, rekent hij dus geen strafpunten aan.

De beoordeling gebeurt op gebouwniveau. Als het dak van een appartementsgebouw niet voldoet aan de vastgestelde minimumnorm, krijgen alle appartementen in het gebouw evenveel strafpunten. Het dak is immers een gemeenschappelijk deel van het appartementsgebouw en gebreken aan de gemeenschappelijke delen tellen voor alle woningen in het gebouw. Dat betekent dat een gelijkvloers appartement ook strafpunten krijgt wanneer het appartement onder het dak onvoldoende dakisolatie heeft, ongeacht de eigendomssituatie (één eigenaar of gedwongen mede-eigendom als vermeld in artikel 577-3 van het Burgerlijk Wetboek).

 

De dakisolatienorm vanaf 1 januari 2020

Wat wijzigt?

 De toekenning van 15 strafpunten bij inbreuken voor daken van 16m² of groter blijft gelden. Niet-voldoen aan de dakisolatienorm zal dus vanaf 1 januari 2020 aanleiding kunnen geven tot een ongeschiktverklaring.

Maar vanaf 1 januari 2020 kan men ook aan de dakisolatienorm voldoen als de energiescore van de woning, vastgesteld in een EPC, lager ligt dan de grenswaarde die de Vlaamse regering heeft vastgesteld.

Deze grenswaarden zijn:

  • 600 kWh/m² voor een open bebouwing
  • 550 kWh/m² voor een halfopen bebouwing
  • 500 kWh/m² voor een gesloten bebouwing
  • 400 kWh/m² voor een appartement

De werkwijze van de woningcontroleur bij het uitvoeren van het conformiteitsonderzoek en het toekennen van strafpunten voor het ontbreken van dakisolatie verandert dus.

Hoe gebeurt de controle?

De woningcontroleur kijkt na of er een EPC is voor de woning. Hij kent geen strafpunten voor dakisolatie toe:

  • als de algemene energiescore in het EPC lager is dan de door de Vlaamse regering vastgestelde grenswaarde (bijvoorbeeld een appartement met een energiescore van 350 kWh/m²)
  • als het EPC een feitelijk vastgestelde R-waarde vermeldt van minimum 0,75 m² K/W en de R-waarde geen default-waarde is.

Als de algemene energiescore van de woning en de R-waarde niet voldoen (bijvoorbeeld de R-waarde is een defaultwaarde), zal de woningcontroleur de aanwezigheid van dakisolatie beoordelen door visuele controle volgens de huidige werkwijze zoals hoger beschreven.

De dakisolatienorm vanaf 1 januari 2021

Wat wijzigt?

De drie modellen van technische verslagen werden aangepast aan de drie nieuwe categorieën van gebreken in de Vlaamse Wooncode. Vanaf 1 januari 2021 zijn de nieuwe technische verslagen van kracht. Die overstap zal resulteren in een aantal bijkomende wijzigingen:

  • Het ontbreken van (voldoende) dakisolatie zal beoordeeld worden op het niveau van de woning en niet meer op het niveau van het gebouw. Het ontbreken van dakisolatie resulteert niet meer automatisch in een gebrek voor alle appartementen/studio’s in het gebouw. Als de energiescore van de woning voldoet, is er geen quotering voor de woning in kwestie.
  • De eigenaar zal zelf moeten aantonen dat hij voldoet aan de dakisolatienorm. Hij kan dit doen door een EPC-attest voor te leggen met een voldoende energiescore of door aan te tonen dat er dakisolatie aanwezig is. Die wijziging vloeit voort uit het feit dat de woningcontroleur geen destructief onderzoek mag uitvoeren en zich alleen kan beroepen op visuele vaststellingen.

Hoe gebeurt de controle?

De woningcontroleur gaat na of er voor de woning een EPC beschikbaar is (door een rechtstreekse controle op de EPC-databank van de Vlaamse overheid of navraag bij het VEA) en kijkt naar de algemene energiescore en de informatie over dakisolatie in het EPC. Hij vinkt geen gebrek bij dakisolatie aan als:

  • de algemene energiescore in het EPC lager is dan de door de Vlaamse regering vastgestelde grenswaarde (bijvoorbeeld een appartement met een energiescore van 350 kWh/m²)
  • het EPC een feitelijk vastgestelde R-waarde vermeldt van minimum 0,75 m² K/W en de R-waarde geen default-waarde is.

Bij gebrek aan een EPC, een te hoge energiescore van de woning, ontbrekende info over dakisolatie, een defaultwaarde of te lage R-waarde op het EPC, gaat de woningcontroleur over tot visuele vaststelling. Hij vinkt het gebrek bij dakisolatie aan als hij vaststelt dat dakisolatie ontbreekt. Als het niet mogelijk is om ter plaatse visueel vast te stellen dat er dakisolatie is, moet de eigenaar de aanwezigheid van dakisolatie aantonen of alsnog een EPC laten opmaken en dat voorleggen.

Wat als de dakisolatie niet voldoet?

Een inbreuk op de dakisolatienorm zal gelden als een gebrek categorie II. Dat kan op zich aanleiding geven tot een ongeschiktverklaring. Ontbrekende dakisolatie bij daken kleiner dan 16m², geldt als een gebrek categorie I. Aan de gebreken categorie I is eerder een sensibiliserend instrumentarium verbonden.

Bron: Wonenvlaanderen.be - Klik hier voor meer informatie.

Delen op

Jouw woning ook verkopen/verhuren? Contacteer ons